-Disclaimer: (ook) dit artikel is geschreven ten tijde van de corona-pandemie-
Zodra er een ingrijpende gebeurtenis plaatsvindt, vliegen de gevleugelde uitspraken je om de oren. De neologismenmachine draait op volle toeren. Ondanks de intelligente lockdown heb ik her en der wat nieuwe woorden opgevangen, zomaar in het wild.
Populair, en dan met name op de radio is de meest banale vorm van neologismen: de kern van het probleem benoemen en daar dan een ander woord achter plakken. Bekende voorbeelden zijn die met de gate suffix. (Watergate, nipplegate, Climategate). Dj’s op meerdere zenders vinden het enorm interessant om corona voor elk probleem te plaatsen. Zo at er één sinds de quarantaine veel te veel lekkere dingen. De gewichtstoename was bepaald geen platte curve te noemen en daarom noemde hij het corona-kilo’s. Hij vond zichzelf enorm grappig en relevant.
Hij, die zonder zonde is, werpe de eerste steen. Ik durf niet te werpen. Neologismen zijn een ademend onderdeel van mijn brein. Soms voel ik me ook wel eens grappig en relevant. Daarom duurde het niet lang voordat zich ook bij mij de eerste nieuwgevormde woorden aan de grijze massa ontsproten. Toen ik onderweg naar mijn moeder een lokale bouwmarkt passeerde, vormde zich het fenomeen wat in mijn gedachtewereld voortaan de Karwei-rij heet. Mannen van met name middelbare leeftijd stonden op anderhalve meter afstand te wachten totdat zij naar binnen mochten. Op minder gepaste afstand stond een kale man met de V van beveiliging op zijn shirt gespeld. Er was tevens politie aanwezig, waardoor de V-man nogal overbodig leek. Daarnaast waren zowel Jan met de Pet als de Man met de Vleespet veel krampachtiger bezig het zootje in het gareel te houden dan het zootje zelf. Alles verliep bijzonder ordelijk.
Minder beleefd verloopt het in het Nederlandse openbaar vervoer. Daar kan het namelijk voorkomen dat je een coronaspuger tegen het lijf loopt: een sujet dat claimt besmet te zijn met COVID-19 en vervolgens een fluim richting je hoofd jaagt. Vroeger was een coronaspuger iemand die te veel Mexicaans importbier had geconsumeerd en vervolgens al brakende het toilet net niet bereikte. Jaren geleden kwam ik er zo één tegen in een Bakels kleedlokaal. Daags na carnaval stonden we onze handbalnederlaag weg te douchen, toen er plotseling een voor ons onbekend persoon met de deur in huis viel. Zijn groene gezicht sprak boekdelen: meneer moest vomeren. Waarom hij ons kleedlokaal uitkoos, zal ik nooit weten. Wat ik wel weet, is dat hij zich na de daad – met het speeksel nog aan de kin – verontschuldigde en verdween als een dief in de nacht.
Anderhalvemeterpolitie. Nog zo één. Zij die erop toezien dat het men op gepaste afstand van elkaar blijft. In de tijd dat corona nog een twinkeling was in het oog van een vleermuis consumerende Aziaat, maakte ik al eens kennis met de anderhalvemeterpolitie. Nou ja, hij was geen agent, maar hij was wel slechts één meter en vijftig centimeter hoog. Van geringe grootte zijn kan best lastig wezen, vooral als je aan het stappen bent op Stratum en je wordt geplaagd door leeftijdsgenoten die een kop groter zijn. Het duurde niet lang voordat hij genoeg had van de spreekkoren en besloot als een ware smeris op te treden. Hij schreeuwde wild om zich heen wierp een boze blik op iedereen die het waagde te lachen. ´En jij moet helemaal normaal doen, met je Mephistos!´
De situatie bekoelde, maar wat bleef hangen was zijn uitbarsting. Met name het woord dat hij gebruikte. Mephistos. In dit geval doelde hij op het merk schoenen dat zijn uitdager droeg; ik had zijn opvallende bruine stappers namelijk gezien. De kwaliteit van zijn belediging vond ik persoonlijk erg sterk, daar het inderdaad zeer lelijk schoeisel betrof. Daarnaast leek het een dubbele lading te hebben, voor mij althans. Mephisto, ook wel Mephistopheles, is namelijk een demon uit voornamelijk Europese literatuur. “Vernietiger van het goede”is wat zijn naam betekent.
Het brengt een passend einde aan dit schrijfsel: een metafoor voor het vernielen van een avondje Stratum voor een klein persoon. Of hij het zo dramatisch bedoelde betwijfel ik, al hoop ik het stiekem van harte.

Leave a comment